CDA maakt zich hard voor laatste boeren van Amsterdam
donderdag 17 februari 2011
Het hoofdstedelijk CDA maakt zich hard voor een duurzame toekomst van landelijk Noord. Als er niets gebeurt, dreigen daar de laatste boeren te verdwijnen. De meeste boeren in het gebied zitten tegen hun pensioen aan. Voor hun vaak kleine bedrijfjes is geen opvolger te vinden.
"Willen de boeren overleven dan moeten er twee dingen gebeuren", aldus Luc Blommers, duoraadslid voor het CDA. "Schaalvergroting moet mogen. Als een bejaarde boer ophoudt met zijn bedrijf, moet een jongere boer het bij zijn bedrijf kunnen voegen. Daarnaast moeten we toestaan dat boeren nevenactiviteiten ontwikkelen, zoals verkoop van eigen producten, kleinschalige horeca en het openstellen van hun landen voor wandelen, fietsen en fluisterboten."
Natuurlijk moet dit wel gebeuren op een manier die het open veenweidelandschap niet aantast.
Nadat eerdere plannen zoals Poort van Waterland stuitten op de strenge eisen van de Structuurvisie, heeft het CDA voorgesteld om nog eens naar de eisen te kijken. Blommers: "Dit gebied wordt aangeduid als stadsrandpolder en vervolgens gelden er dezelfde normen als voor gebieden die helemaal niet lijken op landelijk Noord." In de wens om het groene gebied te beschermen dreigt nu juist het veenweidelandschap te verdwijnen.
In een door het CDA ingediende motie bij de ‘Structuurvisie Amsterdam 2040’ werd voorgesteld voor landelijk Noord een eigen beleid te ontwikkelen, waarbij de Centrale Dorpenraad waarin Schellingwoude, Holysloot en Durgerdam zitten alsmede het stadsdeel-Noord een uitgebreide rol hebben. Ook de buurgemeenten denken mee.
De motie kon uiteindelijk rekenen op steun in een meerderheid van de gemeenteraad. Daarmee lijkt de duurzame toekomst van landelijk Noord een stap dichterbij.
Blommers: "We mogen niet toestaan dat de laatste boeren door regelgeving uit de Stopera verdwijnen. In welke Europese metropool vind je boerenactiviteit zo dicht bij het centrum. Laten we dat koesteren!"
CDA - Amsterdam - Actueel - Nieuws
dinsdag 8 maart 2011
zondag 19 december 2010
Kersttoespraak CDA Amsterdam

Zaterdag 18 december heeft CDA Amsterdam in de Noorderkerk haar jaarlijkse kerstdiner mogen vieren. Tijdens het diner mocht ik de traditionele voorzittersspeech houden. Hieronder kunt u deze lezen:
Kerst 2010
Geachte aanwezigen,
Dank voor uw komst vandaag naar deze speciale plek in het hart van onze stad. Een speciaal welkom ook voor ons Tweede Kamerlid Maarten Haverkamp en onze vertegenwoordigers uit de provincie Noord-Holland.
We kijken dit jaar terug op een bewogen jaar. Een jaar waarin in onze stad druk werd ingeent tegen de Mexicaanse griep, de Giro werd gereden en de uitslag van het WK voetbal werd gevierd alsof we kampioen waren, maar ook het jaar dat laat zien dat men hard moet blijven vechten voor rechtvaardigheid, en voor bescherming van de zwakkeren in onze stad. Ik denk aan de recente zedenzaak die velen van ons diep raakt.
2010 was voor onze partij ook een bijzonder jaar. Een jaar waarin we samen hebben geknokt voor goede verkiezingsresultaten in de stad Amsterdam. De uitkomsten waren teleurstellend en had voor een aantal van ons ook persoonlijke consequenties. Goede raadsleden kwamen op de bank te zitten en het CDA moet het nu stellen zonder bestuurders.
Ook de totstandkoming van het huidige kabinet heeft ons niet onberoerd gelaten. Tegelijkertijd heeft met name het Congres er ook toe geleid dat wij met elkaar mochten benoemen waar we nou eigenlijk voor staan.
Een ieder van ons heeft denk ik voor zichzelf de balans op gemaakt en zichzelf afgevraagd, waar sta ik nu voor? Hierdoor zie je dat juist in tijden van nood ook goede dingen kunnen ontstaan. Misschien is dat niet voor iedereen het ontstane kabinet, maar wel het debat over onze grondslag en ideologie. Een ideologie van hoop en van acceptatie. De kracht van het debat zal zich tonen in een partij die zich van binnenuit aan het versterken is. Het CDA wordt in de gelegenheid gesteld, ook in de stad Amsterdam, om zich te bezinnen op haar principes, en om in dialoog haar principes aan te scherpen. Het ontroerd mij om juist in deze kersttijd wederom te beseffen dat God juist op plekken die niemand verwacht zijn licht fel doet branden en dat God juist nu ons een kans geeft om het beter te doen.
Aan ons de vraag of wij hiervoor open staan. Durven we te kijken naar de knoppen in de bomen, of zien we alleen de bladeren op de grond? Het CDA is van oudsher een partij die vecht voor orde en rechtvaardigheid, als noodzakelijke conditie waarbinnen de naastenliefde mogelijk wordt en waarin het goede in de mens tot bloei kan komen. De noodzakelijke conditie ook waarin de burgers in deze stad zich weer meer verbonden met elkaar kunnen voelen.
Gelovend in de stad is het credo van de Noorderkerk. Van ons als CDA mag verwacht worden dat ook wij geloven in Amsterdam, geloven in de kracht van ons verhaal. En van ons als CDA mag verwacht worden dat wij in het komende jaar met gematigdheid, moed en wijsheid onze principes zullen gaan verdedigen.
Ik wil mijn verhaal afsluiten met een gedicht genaamd In de winter:
Heer
wanneer het land verlaten open ligt
voor regen, wind en sneeuw
wanneer het water strak en koud
zich heeft verhard
wanneer de vogels moeizaam zoeken
naar een kruimel brood
het vee zich ophoudt in de stal
de mensen zich niet wagen
aan een tocht door weer en wind
richt ons dan op uw ster, o God
wees midden in de winternacht
ons zeer nabij met licht
dat nacht en ontij wijken doet.
Maak ons hart brandend
de wereld vol verwachting
van uw komst
Ik wens u allen een goed samenzijn toe!
zaterdag 27 november 2010
Kwijtscheldingen belemmeren vervuiler betaalt
Ieder jaar stellen de stadsdelen de tarieven vast voor het ophalen en verwerken van huisvuil:
de afvalstoffenheffing. Daar wordt altijd met argusogen naar gekeken. Welk stadsdeel hanteert de laagste tarieven? Welk stadsdeel kiest voor verhoging en waarom? Besturen mogen het uitleggen. Zoals alle heffingen, moet de afvalstoffenheffing in principe kostendekkend zijn. Het mag geen gewone belasting zijn, maar mag ook geen geld kosten. In principe geldt dus het adagium: de vervuiler betaalt.
In Amsterdam Noord is dat echter niet zo. Gemiddeld bedraagt de afvalstoffenheffing in Amsterdam
332 Euro, vergeleken met bijvoorbeeld slechts 203 euro in de gemeente Kerkrade. Amsterdam Noord wil de tarieven volgend jaar met ongeveer 25 Euro verhogen, tot ruim 356 Euro—een
5,5 procent. En dan nog moet het stadsdeel volgend jaar 1,3 miljoen Euro uit de algemene middelen bijleggen.
Waarom lukt het niet om in Amsterdam-Noord vuilnis kostendekkend op te halen, en waarom is het zoveel hoger dan gemiddeld? Dat komt niet omdat Noorderlingen zoveel meer afval produceren dan andere Amsterdammers, maar vooral door het hoge aantal kwijtscheldingen. Er wordt al tijden gezocht naar bezuinigingen. De diensten moeten efficiënter gaan werken, het aantal ophaaldagen is verminderd, serviceniveaus worden bijgesteld en de veegfrequenties gaan opnieuw omlaag. Maar onlangs bleek wat het werkelijke “lek” in de afvalstoffenbegroting is: namelijk, het hoge percentage kwijtscheldingen.
Wij kennen namelijk niet alleen het principe dat de vervuiler betaald, maar ook dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen. Alleen al in stadsdeel Noord wordt ruim twee miljoen uitgegeven aan kwijtscheldingen. Daarvan wordt 7 ton betaald uit het armoedefonds, de rest uit de algemene middelen: precies het bedrag dat tekort komt op de begroting. Dat houdt in dat één op de zes huishoudens in Amsterdam Noord niet betaalt voor vuilnis.
Met tariefverhogingen van de afvalstoffenheffing worden dus niet alle bewoners aangesproken.
Inkomenspolitiek bedrijven via de afvalstoffenheffing kan, maar het botst met het principe dat de vervuiler betaalt. Wie kijkt naar de kaart, ziet namelijk dat wijken waar veel kwijtscheldingen worden gegund, ook de meest vervuilde wijken zijn—waar mensen het meest rommel maken op straat. Die stelling durf ik zondermeer aan. Dat kost weer extra geld. Ondertussen daalt door bezuinigingen het serviceniveau van de vuilnisdienst in de hele stad.
Dat wringt. Daarom stel ik voor dat om de kwijtschelding niet meer als automatisme gaan beschouwen, maar als een voorschot. Om de vervuiling aan te pakken in Noord, moeten we aan het werk gaan met creatief lik op stuk beleid, onder andere door strengere inzet van de milieupolitie en hogere boetes. Wie illegaal vervuilt, zou de kwijtschelding van de afvalstoffenheffing moeten terugbetalen. En wie niet vevruilt behoudt de kwijtschelding. Op die manier worden alle groepen betrokken bij het beperken van de hoogte van de afvalstoffenheffing en het principe de vervuiler betaalt. Verder vraagt het terugdringen van het tekort op de afvalbegroting om een activerend armoedebeleid. Hoe minder kwijtscheldingen er nodig zijn, hoe lager uiteindelijk het tarief. Bovendien draagt dat bij aan schonere stad.
de afvalstoffenheffing. Daar wordt altijd met argusogen naar gekeken. Welk stadsdeel hanteert de laagste tarieven? Welk stadsdeel kiest voor verhoging en waarom? Besturen mogen het uitleggen. Zoals alle heffingen, moet de afvalstoffenheffing in principe kostendekkend zijn. Het mag geen gewone belasting zijn, maar mag ook geen geld kosten. In principe geldt dus het adagium: de vervuiler betaalt.
In Amsterdam Noord is dat echter niet zo. Gemiddeld bedraagt de afvalstoffenheffing in Amsterdam
332 Euro, vergeleken met bijvoorbeeld slechts 203 euro in de gemeente Kerkrade. Amsterdam Noord wil de tarieven volgend jaar met ongeveer 25 Euro verhogen, tot ruim 356 Euro—een
5,5 procent. En dan nog moet het stadsdeel volgend jaar 1,3 miljoen Euro uit de algemene middelen bijleggen.
Waarom lukt het niet om in Amsterdam-Noord vuilnis kostendekkend op te halen, en waarom is het zoveel hoger dan gemiddeld? Dat komt niet omdat Noorderlingen zoveel meer afval produceren dan andere Amsterdammers, maar vooral door het hoge aantal kwijtscheldingen. Er wordt al tijden gezocht naar bezuinigingen. De diensten moeten efficiënter gaan werken, het aantal ophaaldagen is verminderd, serviceniveaus worden bijgesteld en de veegfrequenties gaan opnieuw omlaag. Maar onlangs bleek wat het werkelijke “lek” in de afvalstoffenbegroting is: namelijk, het hoge percentage kwijtscheldingen.
Wij kennen namelijk niet alleen het principe dat de vervuiler betaald, maar ook dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen. Alleen al in stadsdeel Noord wordt ruim twee miljoen uitgegeven aan kwijtscheldingen. Daarvan wordt 7 ton betaald uit het armoedefonds, de rest uit de algemene middelen: precies het bedrag dat tekort komt op de begroting. Dat houdt in dat één op de zes huishoudens in Amsterdam Noord niet betaalt voor vuilnis.
Met tariefverhogingen van de afvalstoffenheffing worden dus niet alle bewoners aangesproken.
Inkomenspolitiek bedrijven via de afvalstoffenheffing kan, maar het botst met het principe dat de vervuiler betaalt. Wie kijkt naar de kaart, ziet namelijk dat wijken waar veel kwijtscheldingen worden gegund, ook de meest vervuilde wijken zijn—waar mensen het meest rommel maken op straat. Die stelling durf ik zondermeer aan. Dat kost weer extra geld. Ondertussen daalt door bezuinigingen het serviceniveau van de vuilnisdienst in de hele stad.
Dat wringt. Daarom stel ik voor dat om de kwijtschelding niet meer als automatisme gaan beschouwen, maar als een voorschot. Om de vervuiling aan te pakken in Noord, moeten we aan het werk gaan met creatief lik op stuk beleid, onder andere door strengere inzet van de milieupolitie en hogere boetes. Wie illegaal vervuilt, zou de kwijtschelding van de afvalstoffenheffing moeten terugbetalen. En wie niet vevruilt behoudt de kwijtschelding. Op die manier worden alle groepen betrokken bij het beperken van de hoogte van de afvalstoffenheffing en het principe de vervuiler betaalt. Verder vraagt het terugdringen van het tekort op de afvalbegroting om een activerend armoedebeleid. Hoe minder kwijtscheldingen er nodig zijn, hoe lager uiteindelijk het tarief. Bovendien draagt dat bij aan schonere stad.
dinsdag 2 november 2010
CDA - Amsterdam - een andere kijk op kunstsubsidies
CDA-duoraadslid Diederik Boomsma leverde vanochtend, middels een opinieartikel in de Volkskrant, een bijdrage aan de recente discussie met betrekking tot kunstbezuinigingen.
Lees het artikel hier:
CDA - Amsterdam - Actueel - Nieuws
maandag 4 oktober 2010
Emotioneel partijcongres legt ware Christen Democratie bloot
Afgelopen zaterdag heb ik voor het eerst in mijn leven als “zwevende kiezer” doorgebracht. Als CDA leden hebben we met elkaar voor een onwaarschijnlijk moeilijk dilemma gestaan, wat de hele dag voelbaar is geweest. De verantwoordelijkheid die bij het congres werd gelegd was groot. De vraag die ik me de hele dag heb gesteld is “neem ik de verantwoordelijkheid om dit VVD-CDA kabinet mogelijk te maken of neem ik de verantwoordelijkheid om dit tegen te houden?”
Wanneer je twijfelt luister je toch heel anders naar de sprekers dan wanneer je voor of tegen bent. Geraakt werd ik door woorden van Hanny van Leeuwen, maar ook Coskun Corus. De boodschap van een Turkse vader en zoon hebben denk ik de dag mede bepaald. Hoe gaan wij met onze moslimbroeders en zusters om? Vrijheid van godsdienst en onderwijs verdienen het om voor te vechten!
Deze dag was nodig. Nodig om bij een ieder haarscherp te krijgen waar de Christen Democratie anno 2010 voor staat. Daardoor hebben de 21 fractieleden haarfijn meegekregen waarop ze worden aangesproken door hun achterban. Wilders kan problemen benoemen. Soms ook problemen die reëel zijn en ook door onze partij zijn blijven liggen. CDA en VVD moeten hiervoor de oplossingen bieden. Met alleen benoemen van problemen kom je er niet. De hele dag door werd benadrukt dat we met open hand een ieder tegemoet willen treden. Niemand uitsluiten. Dus met betrekking tot migratie willen we open staan voor een ieder die in nood is en steun nodig heeft.
De hele dag heb ik met mijn briefje tegen in de handen gezeten. Tijdens de stemming ben ik alsnog overstag gegaan. Voelde hierbij zeer gemengde gevoelens. Veel PVV-kiezers komen uit CDA achterban. Deze 1.3 miljoen mensen kunnen we niet zomaar negeren. Daarnaast denk ik dat wanneer Wilders nu buiten spel gezet wordt, hij nog veel groter terug zal komen en de gevestigde partijen verder moeten inleveren. Toch twijfel ik nog steeds. Het regeerakkoord ben ik het voor 90% mee eens, maar gevoel van samenwerking met PVV heb ik moeite mee. Hoe stabiel is de constructie? Maar welk alternatief is er op dit moment? Ook de andere partijen zijn verdeeld. Daarnaast speelde bij mij mee dat de ministers en staatssecretarissen van CDA en VVD-huize zullen zijn. Zij hebben het congres gehoord en gevoeld welke boodschap ze hebben meegekregen. Een boodschap die vraagt om een kabinet waarin respect, verdraagzaamheid en naastenliefde een centrale plek dienen te krijgen. Het komt er nu op aan als voor en tegenstanders samen schouder aan schouder onze mensen in Den Haag hier in te steunen en op aan te spreken!
Wanneer je twijfelt luister je toch heel anders naar de sprekers dan wanneer je voor of tegen bent. Geraakt werd ik door woorden van Hanny van Leeuwen, maar ook Coskun Corus. De boodschap van een Turkse vader en zoon hebben denk ik de dag mede bepaald. Hoe gaan wij met onze moslimbroeders en zusters om? Vrijheid van godsdienst en onderwijs verdienen het om voor te vechten!
Deze dag was nodig. Nodig om bij een ieder haarscherp te krijgen waar de Christen Democratie anno 2010 voor staat. Daardoor hebben de 21 fractieleden haarfijn meegekregen waarop ze worden aangesproken door hun achterban. Wilders kan problemen benoemen. Soms ook problemen die reëel zijn en ook door onze partij zijn blijven liggen. CDA en VVD moeten hiervoor de oplossingen bieden. Met alleen benoemen van problemen kom je er niet. De hele dag door werd benadrukt dat we met open hand een ieder tegemoet willen treden. Niemand uitsluiten. Dus met betrekking tot migratie willen we open staan voor een ieder die in nood is en steun nodig heeft.
De hele dag heb ik met mijn briefje tegen in de handen gezeten. Tijdens de stemming ben ik alsnog overstag gegaan. Voelde hierbij zeer gemengde gevoelens. Veel PVV-kiezers komen uit CDA achterban. Deze 1.3 miljoen mensen kunnen we niet zomaar negeren. Daarnaast denk ik dat wanneer Wilders nu buiten spel gezet wordt, hij nog veel groter terug zal komen en de gevestigde partijen verder moeten inleveren. Toch twijfel ik nog steeds. Het regeerakkoord ben ik het voor 90% mee eens, maar gevoel van samenwerking met PVV heb ik moeite mee. Hoe stabiel is de constructie? Maar welk alternatief is er op dit moment? Ook de andere partijen zijn verdeeld. Daarnaast speelde bij mij mee dat de ministers en staatssecretarissen van CDA en VVD-huize zullen zijn. Zij hebben het congres gehoord en gevoeld welke boodschap ze hebben meegekregen. Een boodschap die vraagt om een kabinet waarin respect, verdraagzaamheid en naastenliefde een centrale plek dienen te krijgen. Het komt er nu op aan als voor en tegenstanders samen schouder aan schouder onze mensen in Den Haag hier in te steunen en op aan te spreken!
zaterdag 7 augustus 2010
Nieuw kabinet een lust of een last
Foto: Roel Rozenburg De uitkomst van de verkiezingen heeft het voor ons land en voor onze partij niet makkelijker op gemaakt. Bij mij leeft een zeer dubbel gevoel. Natuurlijk moet het landsbelang gediend worden, maar is het dit keer het CDA die als enige dat belang kan dienen? De halvering betekent zoals Verhage aangaf vooral bescheidenheid.
Het Parool gaf het van de week wel treffend aan: “Cohen de vroedvrouw van een rechts kabinet”. Deze titel geeft de situatie denk ik zeer treffend aan. Wanneer paars puls niet mogelijk is en Cohen weigert om los van Groen Links over een middenkabinet te praten, word je wel min of meer gedwongen om rechtsaf te gaan. De vraag blijft dan alleen, moet je hier als CDA ja tegen zeggen. De gedoogvariant vind ik een spannende. Natuurlijk moet je geen marionettenkabinet van Wilders krijgen. Aan de andere kant voorkom je wel dat er ministers en staatssecretarissen komen, waarvoor je je hart moet vasthouden wat ze gaan doen.
Een dubbel gevoel. Het akkoord wat gemaakt wordt, is natuurlijk essentieel om een goede afweging te kunnen maken over of dit kabinet steun verdient of niet. Maar toch, een gedoogkabinet met PVV als aanhangsel blijft toch gek voelen.
donderdag 29 juli 2010
CDA Amsterdam-Noord stelt vragen bij gasexplosie Banne
Foto: www.radio-rijnmond.nlBij de Viermasterstraat zijn voor bewoners en omwonenden veel vreemde dingen gebeurd aldus fractievoorzitter Harm-Jan van Schaik.
“De brandweer schijnt vroegtijdig aanwezig te zijn geweest. Bij zo'n enorme gaslucht moet het toch mogelijk zijn de hoofdkraan van het gas dicht te draaien zou je denken”
Het Cda heeft daarom het dagelijks bestuur van Stadsdeel Noord gevraagd hoe het kan dat ondanks dat wethouder Paquay(SP) in het Parool vertelt dat je direct aan asbestgevaar moet denken, bewoners toch eerst terug naar hun huis mochten en mensen van de stadsdeelreiniging de troep onbeschermd hebben opgeruimd. CDA wil onderzoek naar de risico's die mensen gelopen hebben bij de explosie en de rol van de hulpverlening en gemeente/stadsdeel hier in.
Labels:
asbest,
banne,
gasexplosie,
harm-jan van schaik,
Viermasterstraat
dinsdag 22 juni 2010
Kandidaat voorzitter CDA Amsterdam

Vrijdag aanstaande wordt de nieuwe voorzitter van het CDA Amsterdam gekozen. Na lang nadenken heb ik me beschikbaar gesteld voor deze zware, maar zeker nu, belangrijke vrijwilligersbaan.
Na de gemeenteraadsverkiezingen ben ik, mede doordat ik niet meer terug kwam in het bestuur van Amsterdam-Noord, gaan nadenken over de positie van het CDA in Amsterdam. Is er bestaansrecht? Waarom toch op lokaal niveau die afstraffing? We kunnen eindeloos hierover blijven nadenken, maar mijn conclusie is denk ik relevanter.
Het CDA heeft een duidelijk verhaal. Een verhaal dat een breed draagvlak heeft. Helaas lukt het alleen niet dit verhaal bij een breder publiek onder de aandacht te brengen. Daar ligt een taak voor de partij, maar ook voor mij. Het mag niet gebeuren dat bij de volgende verkiezingen het CDA nog lager scoort dan in 2010! Juist om die reden wil ik mijn verantwoordelijkheid nemen en heb me daarom verkiesbaar gesteld voor het voorzitterschap van het CDA Amsterdam.
Wat wil ik daarvoor doen:
Intern:
naast een dagelijks bestuur een algemeen bestuur instellen met vertegenwoordigers van de stadsdelen
die vertegenwoordigers verantwoordelijk maken voor activiteiten in de stadsdelen
de fracties ondersteunen op het gebied van pers en communicatie
ludieke activiteiten organiseren voor verschillende leefstijlen binnen CDA, we moeten vooral naast serieuze bezigheden samen van het leven genieten
nauw samenwerken met gemeenteraadsfracties en deelraadfracties om politieke koers samen uit te stippelen en tevens actualiteiten te vertalen.
Extern:
contacten met migrantenkerken verder uitbouwen
zichtbare activiteiten organiseren voor (niet)leden op onconventionele wijze
bereiken via social media, als hyves, linked in en twitter. Niet eenmalig, maar herhaaldelijk.
Een intensiever contact met kamerleden en partijbestuur in Den Haag, zodat Amsterdams geluid gehoord wordt en vooral een plek krijgt in Haagse politiek.
Door mijn ervaring als folderaar, ledenwerver, raadslid, CDJA-kernvoorzitter, wethouder etc denk ik veel verschillende kanten van het partijlidmaatschap en partijwerk te hebben gezien. Dit heeft me gevormd, maar helpt ook, om mij te verplaatsen in die dingen waar alle actieve CDA-ers in Amsterdam mee bezig zijn. Juist voor en met hen wil ik me inzetten om het CDA in de hoofdstad weer een positie te laten veroveren die het verdient!
Labels:
bestuur,
cda amsterdam-noord,
harm-jan van schaik,
voorzitter
Abonneren op:
Posts (Atom)


